Juridisch advies bij vakanties met kinderen
Vraagsteller
Omdat er eerder problemen waren met de alimentatie betaling voor de kinderen, heeft de rechter bepaald dat de ex vriend van mijn dochter alimentatie moet betalen en ook de hoogte ervan vastgesteld. Vanaf september vorig jaar is de betaling weer gestopt, en is de zaak in handen van LBIO, van wie mijn dochter te horen kreeg dat haar ex vriend in januari failliet is verklaard, er is dus inmiddels een achterstand van 8 maanden. Nu willen wij mijn dochter en haar 2 kinderen in de voorjaarsvakantie een weekje meenemen op vakantie in Nederland. Daar is de ex vriend van mijn dochter het niet mee eens, omdat hij vindt dat hij het recht heeft dat de kinderen de helft van de vakantie bij hem zijn, en ook op het voorstel van mijn dochter dat de kinderen dan in de herfstvakantie de volle week bij hem zijn, wil hij niet meewerken, hij gunt zijn eigen kinderen (11 en 7 jaar) dus de vakantie niet. De omgangsregeling en ook de verdeling van de grote vakanties zijn door de rechtbank vastgesteld, behalve de verdeling van de korte vakanties, die moeten mijn dochter en haar ex vriend zelf indelen. Nu mijn vraag, mag mijn dochter haar kinderen een week meenemen zonder dat haar ex vriend daar toestemming voor geeft ?, want ik wil niet dat ze hierdoor in de problemen komt. Een bezorgde opa.Jurist
In beginsel moeten de betrokkenen de afspraken die er na de scheiding zijn gemaakt, nakomen. Het niet - kunnen - betalen van de alimentatie heeft geen gevolgen voor de afgesproken omgangsregeling. Uitruilen, hij betaalt de alimentatie niet, dus... mag dan ook niet. Nu de korte schoolvakanties niet specifiek zijn vastgelegd en uw dochter een alleszins redelijk voorstel heeft gedaan, lijkt mij dat de vader weinig tegen haar verzoek kan inbrengen. Ik raad uw dochter het volgende aan: Zij schrijft haar ex-partner een aangetekende brief waarin zij hem op de hoogte stelt van de geplande vakantie, wanneer en waar. In deze brief stelt zij dat ze deze ononderbroken vakantie in het belang van de kinderen vindt. Zij schrijft verder dat, nu de verdeling van korte vakanties in het convenant niet uitputtend is geregeld en er bovendien een passende compensatie wordt aangeboden, haar ex-partner naar redelijkheid en billijkheid geen grond heeft om zich tegen haar verzoek te verzetten. Zij bevestigt haar aanbod voor wat betreft de herfstvakantie. Zij sluit af met te constateren wanneer zij er samen niet uitkomen, zij op grond van art. 1:253a BW naar de rechter zal gaan en voorleggen dat er een geschil is over de uitoefening van het gezag/omgang.Neem de volgende stap
Blijf niet rondlopen met vragen over je situatie. Stel je vraag en krijg persoonlijk antwoord van een ervaren jurist.
Privacy is gewaarborgd.
